MATEN EN GEWICHTEN, GELD EN RIJKDOM
 

Grieks

Attisch talent = 60 minae = 26,196 kg.

Mina = 100 drachmae = 436,6 gr.  

Stater = 2 drachmae = 8,73 gr.

Drachma = 6 obols = 4,36 gr.

Obol = 12 chalcia = 0,73 gr.

Egyptische drachma = ¼ Attische drachma

Een stade = 178,6 mtr.

 
 

Romeins

Libra = 12 unciae = 327,5 gr. 

Uncia = 6 denarii = 27,3 gr. 

Aureus = 25 denarii = 8,19 gr.

Denarius = 4 sesterces = 3,72 gr.

 
(Denarius was een 10 asses stuk; later 16 asses waard)

 

Gehalte van de denarius was ca. 98% zilver tot aan Nero’s tijd; daarna 93% zilver. 
Tegen het jaar 250 was de dubbele denarius 3,97 gr. met ca. 41% zilver.

 

De Attische drachma en de denarius waren gelijkwaardig.

De sestertius ofwel HS (= 2½) was oorspronkelijk 2½ asses waard, later 4 asses.

 

As, meervoud, asses; was van oorsprong gewicht van 1 lb.koper;
door devaluatie in 89 v.Chr. verviel kort hierna een ½ uncia, hetgeen werd hersteld in de keizertijd. 
De as was intussen ten tijde van de 2e Punische oorlog
als Romeinse rekeneenheid vervangen door de sestertius.

 

Congius (vloeistofmaat) = 6 sextarii =  3¼ liter.

Mille passus (1000 passen) = ca. 1500 mtr. 

Iugerum (landmaat) = 0,25 ha.

Modius = 8,62 ltr. = ca. 16 sextarii = 1/6 van een Griekse medimnus

Sextarius = 1/16 modius als drogestofmaat.

 

Eigendoms kwalificaties voor een:

Senator, 1.000.000 sesterces

Equites, 400.000 sesterces

Stadsraadslid (bijv. Comum) 100.000 sesterces

 

Salaris van een Senatoriaal provinciebestuurder 400.000 sesterces

Van een Equestriaans procurator 60.000 – 300.000 sesterces

Soldij van een legioenssoldaat:

Vóór Domitianus 900 sesterces

Na Domitianus 1.200 sesterces

 

Graan distributies te Rome:

5 modii tarwe per man per maand; geldswaarde ca. 300 – 360 sesterces per jaar,
en verschafte 130 procent caloriën benodigd voor een gemiddeld actieve volwassen man.

 

Tijdens de Republiek diende men voor deze distributies
een bepaald bedrag te betalen dat, uiteraard, niet altijd gelijk was.
Voor de allerarmsten was echter ook dit vaak sterk gereduceerde bedrag niet op te brengen
en dit leidde vaak tot onlusten.

De volkstribuun P.Clodius Pulcher (58 v.Chr.) dankte een groot deel van zijn populariteit
onder het stadsproletariaat aan het feit dat hij deze graanverstrekkingen geheel gratis maakte.