Pompeia.

   


Dochter van Cn.Pompeius Strabo, consul 89 v.Chr.,
en van Lucilia, dochter van C.Lucilius (Hirrus)

(Zie C.Lucilius Hirrus C.f.)

 
 

Huwde 1. vóór 76 v.Chr. met C.Memmius, quaestor 76,
zoon van C.Memmius, trib.plebis 111 v.Chr.

Hieruit:

C.Memmius, tribunus plebis 54 v.Chr.

   Pompeia werd weduwe in 75 v.Chr.

Huwde 2. vóór 60 v.Chr. met P.Cornelius Sulla, consul designatus 65 v.Chr.
1

Hieruit:

P.Cornelius P.f.Sulla. 2

 

 

Noten (Er is geen volledigheid betracht in deze noten)  

   
1.

P.Sulla, cos.desig. 65, was een zoon van de broer van de dictator L.Sulla
en aldus een neef van Faustus en Fausta, de tweeling van de dictator. 

Zijn vader stierf toen hijzelf nog jong was; zijn moeder (Ignota)

hertrouwde en kreeg een zoon, L.Caecilius Rufus, pr.57, 3 de halfbroer van Sulla.
Sulla verkreeg tijdens de proscripties van 82-80 een zeer slechte naam
en verwierf zeer grote rijkdom door het goedkoop opkopen
en het later met grote winsten verkopen van de goederen van de slachtoffers.

Cicero, in zijn oratio pro Sulla, deed tijdens het proces tegen Sulla zijn best
om hem nog zo fatsoenlijk mogelijk te doen overkomen.
  Terug naar tekst

 
2.    

Cic. Oratio pro Sulla, onderaan  Terug naar tekst

   
3. Voor zijn grafschrift, gevonden te Alba, zie CIL.XII.761.  Terug naar tekst