|
P. Cornelius Scipio Nasica. RE -352- |
||||
|
Q.Caecilius Q.f.L.n. Metellus Pius, cos.80 v.Chr., vanaf toen was hij: |
||||
| Functies: Pontifex ca.63 2, tribunus plebis 62 3. Praetor 55 4, Interrex in 53 5. Consul in 52 v.Chr. 6 Proconsul van Syria 49-48, proconsul van Africa 48-46 v.Chr. |
||||
|
||||
|
Kort overzicht van Nasica’s
belevenissen. bij Pompeius. – op aandringen van
M.Porcius Cato – vluchtpoging om over zee te ontsnappen werd
aangevallen. soldaten die hem vroegen waar de generaal was, eeuwige roem. |
||||
| Noten (Er is geen volledigheid betracht in deze noten) | ||||
| 1. | Praetor?
Legatus? 93 v.Chr. te Hispania; hij overleed kort na 90. (de Oratore III.8 luctum filiae) Terug naar tekst |
|
| 2. | Zijn opvolger als pontifex was Ti.Claudius Nero, praetor 42 v.Chr.
|
|
| 3. | Tribunus plebis. aan de tribuun ontnomen. tot de senaat hetgeen het einde betekende van diens politieke
carrière, In 75 v.Chr. kwam C.Aurelius Cotta, de consul van dat jaar, met het wetsvoorstel om voormalige volkstribunen de kandidatuur voor andere magistraatsfuncties toe te staan, zodat het ambt niet meer het politieke einde van hun loopbaan
markeerde.) (ius agendi). |
|
| 4. | Praetoren. Romeinse burgers, en de praetor peregrinus voor de processen waarbij een vreemdeling
was betrokken. commando worden belast. uitoefenen over een provincie. Onder zijn opvolgers werden het er 18. Terug naar tekst |
|
| 5. | Interrex. of ziekte van beide consuls, voor het houden van verkiezingen. waarna als zijn doel niet was bereikt, een ander werd benoemd. Terug naar tekst |
|
| 6. | Consuls. volksvergadering, waarvan zij de besluiten uitvoerden.
toen de staat in de macht kwam van militaire leiders en daarna van
de keizers. de senaat die alleen hen kozen die door de keizer waren aanbevolen. Terug naar tekst |
|
| 7. | Hij had
vlg.T.Wiseman ook nog een zoon: Licinius Crassus Scipio, |
|