|
|
Germanicus Julius Caesar. RE
-138- |
|||
|
||||
|
Kort overzicht van
Germanicus’ belevenissen. Claudii Nerones. als
quaestor 17
onder Tiberius te dienen. Met enkele onderbrekingen te Rome, Lugdunensis en Aquitania. De daar aanwezige pro praetors werden
ondergeschikt aan Germanicus. muiterij uit; deze nam nog in hevigheid toe bij het vernemen van Augustus’ overlijden. de
vergoddelijkte Augustus.
30
(Zie praefecti Aegypti) met de
resten van Germanicus. van de Julisch-Claudische gens. |
||||
|
|
||||
| Noten (Er is geen volledigheid betracht in deze noten) | ||||
| 1. | ILS 108 Feriale Cumanum. VIIII kal.Iun.= 24 Mei 15 v.Chr. [Germanici Caesaris natalis. supp]licatio Vestae Acta Arvalium no.2030. ob natalem Germanici [caesaris] VIIII kal.Iun. (Acta Arvales 52) Terug naar tekst |
|
| 2. | Fasti Antiates,
VI Id. Oct. = 10 Oct., 19 na Chr. inferiae Germanici. Fasti Ost.: VI idus Dec. iustitium ob excessum Germanici (lees Oct. !!) Terug naar tekst |
|
| 3. | ILS 182
|
|
| 4. | Quaestoren. (schatkist) en het archief, onder toezicht van senaat, consuls, en censoren. (e.e.a.
tot 28 v.Chr.) – vrijwel altijd
patriciërs – 2 consulaire en 8 praetoriaanse. verhoogd
tot 40. terwijl het bovengenoemde in feite duidt op de tijd van de republiek.) Terug naar tekst |
|
| 5. | Flamen
Augustalis. |
|
| 6. | Sodales
Augustales.
‘Er waren oorspronkelijk vijfentwintig
sodales Augustales,
van de keizerlijke familie. Zij waren belast met de cultus van de gens Iulia te Bovillae welke, lang geleden ingesteld, nu was gegroepeerd rond de centrale figuur van Divus Augustus. de keizerlijke familie in het Mausoleum op het Campus Martius en bovenal de cultus van Divus Augustus.’ (Stefan Weinstock, JRS 47 (1957), p.146/7.) Terug naar tekst |
|
| 7. | Sodales Titii. vervulden functies ter ere van de keizers,
ongeveer zoals de Augustales; |
|
| 8. | Fratres Arvales. Een uit 12 mannen bestaande broederschap die in 29 v.Chr. door Augustus nieuw leven werd ingeblazen. De leden bestonden in de tijd van de Julische-Claudische dynastie uit mannen van redelijk sociaal aanzien: nobiles en ex-consuls. Daarna behoorden zij met de sodales Titii en de Fetiales tot de minst belangrijke orde. Terug naar tekst |
|
| 9. | Fetiales. Een uit 20 priesters bestaand college dat in 32 v.Chr. door de latere Augustus nieuw leven werd ingeblazen. Oorspronkelijk sloten zij van staatswege vrede, wapenstilstand, of verklaarden de oorlog. Terug naar tekst |
|
| 10. | ILS 184 Neronis Caesaris Germanici filii sponsa. (Cf.Tac.ann.II.43) (verloofde van 1e kind) |
|
| 11. | ILS 185 Druso Caesari Germanici Caesaris f.,Ti.Augusti nepoti, divi Augusti pronepoti, pontifici d.d. ■ Zie Suet.Cal.12. errants puto. Terug naar tekst |
|
| 12. | ILS 186
de Albaanse
berg op een door de consuls te bepalen dag in April. Deze – tijdens het principaat - betekenisloze functie werd vrijwel altijd vervuld door jongelingen uit de patricische families. Terug naar tekst |
|
| 13. | Tac.Ann.VI.23; ILS 187. Terug naar tekst | |
| 14. | ILS 196 (zie
ook ILS 194, 195, 197) divae Drusillae sacrum C.Rubellius C.f.Blandus q. divi Aug., tr.pl., cos., procos., pontif. ■ Tibure, nunc Romae. Cf.Tac.ann.VI.27. Terug naar tekst |
|
| 15. | ILS 188 |
|
| 16. | ILS 181 C.Caesar Germanici Caesaris f. hic crematus est. ILS 181a. Ti.Caesar Germanici Caesaris f., hic crematus est. ILS 181b. ---[Caes]ar [Ge]rmanici Caesaris f., hic crematus est. ■ 181,181a,181b, de drie overleden kinderen van Germanicus. ■ Zie Suet.Cal.7. Terug naar tekst |
|
| 17. | ILS 173 Germanico Caesari Ti.f.Augusti n. auguri, q. ■ quaestor fuit Germanicus a.p.C.7. (Dio 55,31) Terug naar tekst |
|
| 18. | Praetoren. Romeinse burgers, en de praetor peregrinus voor de processen waarbij een vreemdeling
was betrokken. worden belast. uitoefenen over een provincie. |
|
| 19. | Augures. Sedert Sulla een college van 15 priesters, onder Iulius Caesar verhoogd tot 16 priesters. Functie o.a. het lezen der voortekenen. Alle priesterschappen golden normaal voor het leven. Twee leden van dezelfde gens konden niet gelijktijdig lid zijn van één en dezelfde priesterorde. Alle priesterschappen verhoogden de sociale status, het aanzien en de politieke invloed van de houder. Dit gold in het bijzonder voor de vier grote priester orden: pontifices, augures, quindecemviri sacris faciundis, septemviri epulonum. (quattuor amplissima sacerdotia) Terug naar tekst |
|
| 20. | ILS 174
Romeinse
republiek. volksvergadering, waarvan zij de besluiten uitvoerden. In oorlog waren zij belast met
het opperbevel. (consulaire) provincie.
van wat
het ooit was. de senaat die alleen hen kozen die door de keizer waren aanbevolen. Terug naar tekst |
|
| 21. | Tac.Ann.I.14,
3. (1982) p.68-82. En in Roman Papers, vol.IV.p.214 (1988):
salutatie gehouden in de loop van het voorgaande jaar en overeenstemmend met imp. XXI
voor Augustus, en imp. VII voor Ti.Caesar. naar Drusus, omschreven als ‘praesens’(aanwezig) en consul designatus. had bestudeerd.” “Germanicus’ maius imperium van 17 na Chr. was niet een verlening van een nieuwe macht Augustus in 11 na Chr. |
|
| 22. | De 'census' was
een volkstelling en vermogensschatting |
|
| 23. | Tac.ann.I.31-49. Terug naar tekst | |
| 24. | Tac.ann.I.50-52. Terug naar tekst | |
| 25. | Tac.ann.I.60-71. Terug naar tekst | |
| 26. | Tac.ann.I.58, 5. Terug naar tekst | |
| 27. | Tac.ann.II.5-26. Terug naar tekst | |
| 28. | Tac.ann.II.41,
2. est [in urbem]. |
|
| 29. | Tac,ann.II.53,1.
ILS 178 (zie ook ILS 176,177) Germanico Caesari Ti.Aug.f.divi Aug.n. divi Iuli pron. pontif., flamini Augustali, augur., cos.II, imp.II. ■ Salerni vel Neapoli. Terug naar tekst |
|
| 30. | Over Germanicus’
reis naar Egypte: (19 na Chr.) Tac.ann.II.59-61, beetjes in Apion, Plinius maior, Suet.Tib., en Germanicus’ redevoering tot de Alexandrijnen. Terug naar tekst |
|
| 31. | Tac.ann.II.64,1. Terug naar tekst | |
| 32. |
Tac.ann.II.69,3.ff – 72.1,ff. AANWEZIG: Zodat hij als een van de eersten over zijn eigen promotie zou moeten stemmen, wat niet aanging. Terug naar tekst |
|