|
P. Clodius Pulcher. RE -48- a |
||||
|
Geb. ca.92 v.Chr. Overl. 18 Januari 52 v.Chr. nabij Bovillae. 1 Zoon van Ap.Claudius Pulcher, cos. 79 v.Chr. en van Metella, dochter van Q.Caecilius Metellus Balearicus, cos. 123 v.Chr. |
||||
|
||||
|
Functies: Tribunus militum 64, 3 quaestor 62. 4 Trib.plebis 58 v.Chr. 5 aedilis curulis 56. 6 Decemvir sacris faciundis 56. 7 |
||||
|
Kort overzicht van Clodius’
belevenissen. aangestoken door de soldaten die door Fimbria 9 in 85 waren opgestookt om hun bevelhebber Valerius Flaccus te
vermoorden, dwongen Lucullus tot inactiviteit en terwijl Mithridates en Tigranes moest Lucullus noodgedwongen terugkeren naar Nisibis. 10 bij een andere zwager van hem, Q.Marcius Rex. Deze vertrouwde hem de vloot toe waarna Clodius gevangen werd genomen door de piraten en enige tijd later weer vrijgelaten. aan de dood ontsnapte; hierna keerde hij in 65
terug naar Rome
C.Julius Caesar, pontifex maximus en praetor van dat jaar, waar een aantal voorname vrouwen de heilige riten vierden voor de Goede Godin (Bona Dea), waarbij de aanwezigheid van mannen ten strengste verboden was. om als alibi te dienen; volgens zeggen omdat hij zichzelf vrij wilde pleiten bij zijn vrouw Terentia, die Clodia, de losbandige zuster van Clodius, er van verdacht met Cicero te willen trouwen. (Cic.ad Att.I.3,2) samengestelde jury, stond de senaat het toe dat de
juryleden op de normale manier werden gekozen. belastende verklaring tijdens zijn proces. in een plebeïsche
familie, zonder succes. gevaar af te wenden dat Cicero of Cato voor zijn wetgeving van 59 zouden kunnen vormen. lex curiata aannemen die de adoptie (adrogatio)
van Clodius in een plebeïsche familie goedkeurde. aan het stadsproletariaat voortaan gratis te maken. (o.a.Dio 38.13) die de bevoegdheid regelde van curulische magistraten en volkstribunen op het belemmeren van het houden van wetgevende en verkiezingsvergaderingen doormiddel van het uitkijken naar hemelse voortekenen (spectio of
servare de caelo): auspiciën. dat leidde tot Cicero’s
terugroeping uit ballingschap. tegen Milo wegens openbare geweldpleging. (De Vi) de crisis die uiteindelijk leidde tot Pompeius’ benoeming door de senaat tot enig
consul,
|
||||
| Noten (Er is geen volledigheid betracht in deze noten) | ||||
| 1. | Clodius werd op
18 Januari 52 v.Chr.op de via Appia nabij Bovillae vermoord weg was van zijn landgoed naar Rome en het lijk meenam. (Asconius 28) Terug naar tekst |
|
| 2. | ILS 882 P.Claudius P.f.Ap.n.Ap.pron.Pulcher q., quaestor, pr., augur ■ Romae. Est filius P.Clodii inimici Ciceronis (Val. Max.3.5, 3) (Cic.ad Att.xiv.13A +13B (44)) Terug naar tekst |
|
| 3. | Tribunus
militum: (Krijgstribuun) stafofficier bij de infanterie. (met
een smalle streep). cursus honorum, dienden de aspiranten voor een equestrische cursus - tenminste sinds
Claudius - tribunus militum (augusticlavius), en praefectus alae |
|
| 4. | Quaestoren. (schatkist) en het archief, onder toezicht van senaat, consuls, en censoren. (e.e.a.
tot 28 v.Chr.) – vrijwel altijd
patriciërs – 2 consulaire en 8
praetoriaanse. |
|
| 5. | Tribunus plebis. (ius
agendi). |
|
| 6. | Aediles i.v.m. diens schepping van de aediles Ceriales, verhoogd tot 6 aediles. Terug naar tekst |
|
| 7. | Quindecemviri
sacris faciundis. De 15 mannen hielden toezicht op de Sibillijnse boeken, toezicht op buitenlandse godsdiensten in Rome, en het brengen van zoenoffers ter afwering van ongunstige voortekenen. (prodigia) Alle priesterschappen golden normaal voor het leven. Twee leden van dezelfde gens konden niet gelijktijdig lid zijn van één en dezelfde priesterorde. Alle priesterschappen verhoogden de sociale status, het aanzien en de politieke invloed van de houder. Dit gold in het bijzonder voor de vier grote priesterorden: pontifices, augures, quindecemviri sacris faciundis, septemviri epulonum. (quattuor amplissima sacerdotia) Terug naar tekst |
|
| 8. | Kort na 100 v.Chr. vestigde koning Tigran (Tigranes) I van Armenia Tigranocerta als zijn zuidelijke hoofstad en bevolkte het met kolonisten die, |
|
| 9. | C.Flavius Fimbria, legatus 86–85 v.Chr. (Zie aldaar) Terug naar tekst | |
| 10. | Stad en fort in Mesopotamië. Terug naar tekst | |
| a | Zie Cicero, die bewijs leverd dat Clodius tot de tribus Palatina behoorde;
(Dom.49: ita repellebantur ut etiam Palatinam tuam perderent’)
|
|