|
L. Apronius C. f. Cam. |
||||
|
Afkomstig uit Tibur. |
||||
Functies: C.Vibius Postumus, cossuff. 5. 3 |
||||
|
||||
|
|
||||
| Noten (Er is geen volledigheid betracht in deze noten) | ||||
| 1. | Zie ILS 991. Terug naar tekst | |
| 2. | Consuls. Romeinse republiek. volksvergadering, waarvan zij de besluiten uitvoerden. In oorlog waren zij belast met
het opperbevel. (consulaire) provincie. Terug naar tekst |
|
| 3. | Vell.II.116, 3. Terug naar tekst | |
| 4. | Verkreeg hiervoor de ornamenta triumphalia. (Tac.ann.1.29,56,72) Terug naar tekst |
|
| 5. | Hij voerde het
bevel over het 1e Germania, Ve Alaudae, XXe Valeria Victrix, en 21e Rapax. (Tac.ann.3.21; 4, 13,23,73; 6,30; 11,19) Terug naar tekst |
|
| 6. | Vlg..F.Stein, Die Kaiserlichen Beambten, 91,93,288ff. Onderdrukte in 28 met veel moeite en met hulp van de legioenen in Germania Sup. een opstand van de Friezen. Terug naar tekst |
|
| 7. | Vlg.PIR2 A 788, (Dio 58,19) Terug naar tekst | |
| 8. | Zie noot 2. en Dio 59.13,1-2; Suet.Cal.17.1. Terug naar tekst | |
| 9. | Septemviri
epulonum. De 7 mannen – oorspronkelijk ‘tresviri’, 3 mannen – zorgden bij openbare spelen voor de gastmalen der goden. Onder Julius Caesar verhoogd tot 10 epulones. Alle priesterschappen golden normaal voor het leven. Twee leden van dezelfde gens konden niet gelijktijdig lid zijn van één en dezelfde priesterorde. Alle priesterschappen verhoogden de sociale status, het aanzien en de politieke invloed van de houder. Dit gold in het bijzonder voor de vier grote priesterorden. Zie. ILS 939 pontifices, augures, quindecemviri sacris faciundis, septemviri epulonum. (quattuor amplissima sacerdotia) Terug naar tekst |
|
| 10. | 10.Caesiana in PIR2 C 976) Tac.ann.6.30, 2. Terug naar tekst | |
| 11. | Tac.ann.4, 22. Terug naar tekst | |
| 12. | Tac.ann.I.56,
72; II.32; III.20, 21,64; IV.13, 22,23,73; VI.30. Terug naar tekst Eryx berg, Sicilië. (Vertaling; zie beneden Latijnse tekst) Overwinnaar in oorlogen toen de Moorse vijand viel, Die aan U opdroeg het gelukszwaard en de beeltenis van zijn vader, Apronius, zoon van een leider, zelf een leider, overwinnaar in eerlijke strijd. gewaarborgd; Er was een strijd van plichtsgetrouwheid — in elk was de grootste. ILS 939 comitatus prospere adversus Numidas pugnasset (Tac.Ann.3, 21) sacerdotatem (V.6 seq), effigiem patris armaque quae gesserat in pugna illa Africana (V.13 seq. of V.3), denique una cum patre effigiem Tiberii (V.19 seq.) Terug naar tekst |
|