Hispania Citerioris & Hispania Ulterioris
 

Hispania Citerioris en Hispania Ulterioris werden beiden gesticht in 197  v. Chr.

na dat de tweede Punische oorlog tegen de Carthageners was voltooid door

Scipio Africanus. Deze provincies waren kleiner dan later want de verovering

ging door tot 19 v. Chr.

 

Komend van uit Italië kwam men aan in de provincie Hispania Citerioris

(nabij Spanje), als men dan de rivier de Ebro overstak kwam men in de

provincie Hispania Ulterioris (het verre Spanje)

 

In 27 v. Chr. verdeling van de rijksprovincies tussen de Princeps en de

Senaat. Augustus splitste Hispania Ulterioris in de lengte in tweeën en

besliste dat beide provincies van naam moesten veranderen:

 

1.Hispania Tarraconensis (het oude Citerioris = het nabije Spanje)

   In het noord noordoosten. Het besloeg het huidige Spanje (behalve

   de Extremadura en Andalusië) en een deel van het huidige Portugal.

 

2.Hispania Lusitania (Portugal), dat werd gescheiden van Baetica door de

   rivier de Anas, nu de Guadiana genaamd.

3. Hispaniq Baeticae (het oude Ulterioris = het verre Spanje) in het

     zuiden aan de Middellandse Zee. (bijna het huidige Andalusië),

     zo genoemd naar de rivier de Baetis, nu de Guadalquivir.

Eerst na de definitieve pacificatie van Spanje werd Baeticae een senatoriale provincie.

Hispania Lusitania (ten opzichte van Baeticae in het westen)

besloeg ongeveer het huidige Portugal plus het Spaanse Extremadura.

Het werd in 7 v. Chr. een keizerlijke provincia.

In de loop van de tijd vonden er vele omzettingen plaats van Princeps

naar senatoriale provincies en vice versa.

Augustus had bij de eerste staatkundige verandering in 27 v. Chr. vrijwel

alle militaire provincies, met hun legioenen, onder zijn bevel staan.

In 23 v. Chr. bij de tweede constitutionele verandering kreeg hij

zeggenschap over alle provincies, ook die van de senaat, op grond van

zijn imperium maius.

Vespasianus (69-79) verleende aan geheel Hispaniae de rechten van

Latium: “Aug. Vesp. Imp. iactatum procellis rei publicae Latium  tribuit”

(Plinius de oudere, Nat.Hist. boek 3. 30)

In 260 maakte het deel uit van het Gallische Rijk van Postumus

dat zich afscheidde van het Romeinse rijk.

Onder Diocletianus werd de provincie opgenomen in de

Diocese Hispaniae.

Na de val van het Romeinse rijk werd de regio bij het rijk van

de Westgoten gevoegd.